Het is weer aspergetijd en daar word ik vrolijk van! Met name groene asperges vind ik erg lekker en dan eet ik ze het liefst gegrild. Daarom is dat de bereidingswijze die ik in dit gerecht gekozen heb. Mocht je nou geen grillpan hebben, dan is dat helemaal geen probleem. In plaats van grillen kun je ze ook even bakken.

Voor dit gerecht heb ik wokgarnalen uit de diepvries gebruikt. Deze laat ik van te voren ontdooien. Het voordeel van wokgarnalen is dat deze al gepeld zijn. Ik gebruik wel het liefst rauwe garnalen, zodat je goed kunt zien wanneer ze klaar zijn. Als ze rauw zijn, zijn ze in eerste instantie grijzig maar doe je ze in de wok dan zie je ze al snel mooi roze worden. Zijn ze helemaal roze, dan zijn ze gaar.

Zodra het zonnetje weer volop begint te schijnen en de temperaturen lekker oplopen, krijg ik altijd weer meer zin in salades. Ik serveer ook graag salades bij een barbecue of eet het als lunchgerecht. Dat laatste is vaak het geval met pastasalades, omdat mijn vriend niet van pasta houdt (onvoorstelbaar als je het mij vraagt haha!). Ook ideaal om nog een restje gekookte pasta van de dag er voor te verwerken.

Op dagen dat mijn vriend werkt en ik thuis ben, wil ik weleens zo'n heerlijke pastasalade voor mezelf maken. Meestal maak ik dan een ruime portie, zodat ik er de volgende dag ook nog van kan eten. Ook heel fijn om alvast wat klaar te hebben om mee te nemen naar het werk. Dat scheelt in de ochtend toch mooi weer wat tijd.

Vla uit een pak vind ik vaak een nogal onnatuurlijke smaak hebben, daarom besloot ik het eens zelf te maken. En het viel me eigenlijk reuze mee hoe snel je dat zelf maakt. Alleen het afkoelen duurt wel een behoorlijke tijd. Nu had ik geen zin in vanillevla of chocoladevla, maar in sinaasappelvla. Soms heb je ineens van die ingevingen, zullen we maar zeggen.

En het past ook nog eens helemaal binnen het thema Oranje van het Foodblogevent van deze maand. Iedere maand wordt op de Facebookpagina van Foodbloggers Benelux dit event georganiseerd. Uit de ingezonden recepten (welke je allemaal terug kunt vinden op de speciaal hiervoor aangemaakte Pinterest pagina) wordt een top drie geselecteerd. Er zijn geen prijzen o.i.d. aan verbonden, maar dat maakt het niet minder leuk om er aan deel te nemen. Bovendien is het ontzettend leuk om te zien welke invuilling collega-bloggers aan het thema geven.

Deze geroosterde paprika-feta dip maak je met maar twee ingrediënten! Je kunt het bijna geen recept noemen. Omdat ik deze zelf heel erg lekker vind, is hij wat mij betreft het benoemen wel waard.

Deze geroosterde paprika-feta dip had ik al heel erg lang op mijn to-make-lijstje staan, maar net zoals vele andere gerechten kwam het er steeds maar niet van.
Toen ik een tijdje terug de hapjes op een feestje mocht verzorgen, was dat de perfecte gelegenheid om hem toch eens te gaan maken. En nu ik deze eenmaal gemaakt heb, ben ik echt helemaal verkocht. Het is lekker, het is simpel... zei ik al dat hij echt heel erg lekker is?

Tjap tjoy van de Chinees? Echt niet meer, als je hem eenmaal zelf gemaakt hebt! Ik vind die van de Chinees altijd een wat vettige saus hebben (althans, bij de Chinees bij ons in het dorp) en dat vind ik niet zo lekker. Bovendien zijn de groenten nooit zo knapperig als ik zou willen. Daarom besloot ik hem dus gewoon lekker zelf maken. En het is ook nog eens helemaal niet moeilijk, bleek achteraf.

Persoonlijk hou ik van wat dikkere sauzen. Ik heb hem daarom op het laatst nog even gebonden met maizena. Dat doe je heel eenvoudig door wat maizena in een kommetje te doen en daar een klein beetje koud water bij te doen. Roer dit tot een wit (dun) papje. Voeg dit toe aan de saus en je zult zien dat het direct gaan binden. Roer het daarom snel goed door zodat alles saus dezelfde dikte krijgt. Nog niet dik genoeg, dan voeg je gewoon nog wat toe. Let wel op dat je het steeds in kleine hoeveelheden toevoegt want voor je het weet is de saus juist weer te dik geworden. Ik begin altijd met 1 á 2 theelepels maizena en voeg dan steeds wat toe tot ik er blij mee ben.